Kalmia (lepel boom)
Kamperfoelie (Lonicera)
Kardinaalsmuts (Euonymus)
Kerria (ranonkelstruik)
Klimhortensia (Hydrangea petiolaris)
Klimop (Hedera)
Kolkwitzia
Kornoelje (Cornus)
Kraaiheide (Empetrum)
Kransspirea (Stephanandra)
Krentenboompje (Amelanchier Iamarckii) 

Kalmia (lepel boom)
De snoei van deze struik beperkt zich tot het verwijderen van uitgebloeide bloemen. Van oudere exemplaren kunt u de verhoute delen sterk terugknippen.

Kamperfoelie (Lonicera)
Kamperfoelies zijn in verschillende groepen te verdelen, die elk op hun eigen manier gesnoeid moeten worden: klimplanten, groenblijvers en bladverliezende heesters. De bladverliezende heesters kunnen ’s winters worden gedund. De groenblijvende heesters kunnen als solitaire, lage struiken worden toegepast, maar kunnen ook in vorm worden geschoren. In dat laatste geval moeten ze minstens twee keer per zomer worden geknipt. Van de klimplanten moeten de ver uitstekende scheuten worden teruggeknipt. Dit karweitje kan in de zomer verricht worden. Dun verwaarloosde klimmers in de winter, zodat u tijdens het snoeien goed kunt zien waar de hoofdtakken zitten.

Kardinaalsmuts (Euonymus)
Het geslacht Euonymus kent vele leden, die niet allemaal op dezelfde manier gesnoeid kunnen worden. U moet de gewone kardinaalsmuts (Euonymus europaeus) jaarlijks in de winter snoeien. Verwijder daarvoor alleen de oudste takken tot aan de grond. De gevleugelde kardinaalsmuts (Euonymus alata) vraagt nauwelijks snoei. U hoeft slechts een paar kruisende takken te verwijderen. Van de groenblijvende klimmende kardinaalsmuts (Euonymus Fortunei) verwijdert u alleen de uitstekende twijgen. Dit kunt u het hele jaar door doen.

Kerria (ranonkelstruik)
Wacht niet met snoeien tot na de bloei. Als er blad aan de heester zit, kost het nog meer tijd om deze dichte heester te snoeien dan wanneer hij nog kaal is. Na een jaar niet snoeien komt er veel dood hout in de struik. Dun de struiken met een gewone snoeischaar jaarlijks met eenderde uit. De struik blijft dan jong en zal elk jaar opnieuw rijkelijk bloeien.

Klimhortensia (Hydrangea petiolaris)
De snoei beperkt zich tot het verwijderen van ver uitstekende bloeischeuten. Als de bloeischeuten ver uitsteken, wordt de plant topzwaar en bestaat er een kans dat ze van de muur valt.

Klimop (Hedera)
De struikklimop (Hedera helix ‘Arborescens’ en H. colchica ‘Arborescens’) hoeft niet te worden gesnoeid. Anders is het gesteld met de gewone ‘klimmende’ klimop. Uiteraard moeten de scheuten die over raamkozijnen, deurposten en gootlij sten dreigen te groeien, twee keer per jaar worden ingekort. U kunt met een heggenschaar de naar voren stekende bloeischeuten scheren, zodat de groei minder dicht wordt en de kans dat ongedierte zich in de plant nestelt, afneemt. U kunt klimop tegen een muur ook in mooie vormen knippen.

Kolkwitzia
U kunt deze struik het beste na de bloei in juni snoeien. Snoei een paar van de oudste takken tot bij de grond, maar laat de gebogen vorm van de struik intact.

Kornoelje (Cornus)
Verwijder van de witte kornoelje (Cornus alba) eerst de buitenste takken die naar de grond buigen. Dun het resterende, meer rechtop staande struikje uit. Takken die de grond raken, hebben vaak wortels gevormd. Deze takken kunt u elders weer uitplanten. Het ras ‘Sibirica’ met knalrode takken heeft van zichzelf een mooier model en is eenvoudiger te snoeien: één keer per jaar iets dunnen is voldoende. U mag de takken van deze struik ook jaarlijks tot bij de grond afknippen. In tegenstelling tot de witte kornoelje groeit de gele kornoelje (Cornus mas) in zijn jeugd erg langzaam. U hoeft deze kornoelje pas na drie jaar voor het eerst te snoeien. Laat 3-5 mooie gesteltakken zitten, die evenwichtig verdeeld moeten zijn over de struik. Later valt er aan deze heester niet erg veel meer te snoeien.
U kunt de snoei beperken tot de takken die u in de kamer in bloei trekt. De meeste kornoeljes worden veel hoger en behoeven weinig snoei. Verwijder van deze soorten alleen de takken die elkaar kruisen of die te sterk overhangen. 

Kraaiheide (Empetrum)
Deze plant hoeft niet te worden gesnoeid. Jonge twijgjes groeien weer over de oude heen, waardoor de plant er altijd jong en glanzend groen uitziet. Het dichte gebladerte onderdrukt onkruid.

Kransspirea (Stephanandra)
Aan deze warrige struikjes valt weinig te snoeien. U kunt oude heestertjes eventueel een keer volledig terugzetten.

Krentenboompje (Amelanchier Iamarckii) 
Dit is een ideale heester om als voorbeeld te dienen in een snoeiles. In de opgaande heester zitten vaak takken die elkaar kruisen. Die moeten worden verwijderd, evenals de takken die van links naar rechts dwars door de heester groeien. Verwijder deze takken volledig. Zaag ze eventueel af bij een vork. Met andere woorden, u moet dit struikje dunnen. Omdat de heester niet erg dicht in blad zit, kunt u hem ook goed in de zomer snoeien.